Na de coronacrisis kunnen we niet meer om de regio heen

Rien Fraanje, Raad voor het Openbaar Bestuur

De coronacrisis heeft feilloos de al bestaande sterktes en zwaktes in onze bestuurlijke organisatie blootgelegd. Een belangrijke daarvan is de tegelijk sterke en onnodig lastige positie van de regio in ons binnenlands bestuur. Sterk omdat de veiligheidsregio in het voorjaar van 2020 de juiste schaal bood om de verspreiding van het coronavirus effectief en daadkrachtig in te perken. Lastig omdat de regio in het Nederlandse openbaar bestuur geen formele po-sitie heeft waardoor het erg ingewikkeld is om democratische legitimiteit en controle op dat bestuurlijke niveau adequaat te organiseren.

In dit essay wil ik laten zien dat het nodig is om de regio sterker te positioneren in de bestuurlijke organisatie van ons land. In de hiernavolgende paragraaf laat ik zien hoe in de coronacrisis de regio tegelijk oplossing als ook probleem was. Daarna laat ik in paragraaf 3 zien dat deze dubbelhartigheid de regio ook op andere beleidsterreinen kenmerkt. Vervolgens trek in de vierde paragraaf de conclusie dat het nodig is om de regio een steviger plek in onze binnenlands bestuur te geven. Om te voorkomen dat we onnodig aan een grote reorganisatie van ons binnenlands bestuur beginnen, formuleer ik in paragraaf 5 enkele uitgangspunten c.q. randvoorwaarden waaraan de inbedding van de regio moet voldoen. Vervolgens schets ik drie opeenvolgende scenario’s die de positie van de regio in toenemende intensiteit en effectiviteit verstevigen en formaliseren.