Op weg naar het nieuwe normaal

Update Wereldnieuws, 1 juni, week 23

Ook nu bevinden we ons nog steeds in de derde fase van de Coronacrisis. De eerste stappen richting de exit-strategie zijn gezet en we zijn op weg naar het ‘nieuwe normaal’. De literatuur bestaat, zoals vorige week al duidelijk werd, niet meer alleen uit observaties en constateringen, maar ook de eerste wetenschappelijke onderzoeken zijn inmiddels gepubliceerd. Waar het eerst veel mening, speculatie en observatie was, betreft het nu meer en meer resultaten, controles en toetsingen. Hier komen een aantal thema’s die de literatuur afgelopen week domineerde.

Doordat de Coronacrisis zich nu in een gevorderd stadium bevindt, kan men steeds beter oordelen over de effectiviteit van interventies van de staat. Voorheen lag de nadruk in de literatuur voornamelijk op het beoordelen van de interventies op grondwettelijkheid of wenselijkheid. Nu, mede door het feit dat het aantal wetenschappelijke onderzoeken toeneemt, komt de effectiviteit van de interventies steeds nadrukkelijk op als thema in de literatuur. Toshkov e.a., onderzoekers aan faculteit Governance en Global Affairs van de Universiteit Leiden, onderzochten 31 Europese overheden en hun adoptatie van beperkende maatregelen in de eerste maanden van de Coronacrisis. De bestuurskundigen concluderen dat landen met meer overheidscapactiteit, meer vrijheid en meer maatschappelijk vertrouwen, langzamer waren met het opleggen van restrictieve maatregelen. Dit is een belangrijke conclusie. De bestuurskundigen stellen namelijk ook dat ‘the speed of government responses has been of paramount importance for containing the spread and death toll’. Als dit alles klopt, kan het onderzoek van de Leidse bestuurskundigen drie belangrijke lessen leren voor de toekomst:

  1. wanneer snelheid cruciaal is, kunnen meer coördinatie tussen instanties en experts en andere aspecten van good government het besluitvormingsproces juist schaden;
  2. personen met medisch expertise of een medische achtergrond op hoge, politieke posities, zoals minister van Volksgezondheid of zelfs premier, heeft sommige landen geholpen in hun strijd tegen het virus;
  3. overheidsbesluiten in een crisis kunnen niet-partijgebonden zijn en hoeven geen polariserend effect te hebben op de samenleving.

Net zoals de drie Leidse bestuurskundigen komen ook de economen Dergiades, Milas en Panagiotidis tot de conclusie dat er een sterk verband is tussen de timing van overheidsingrijpen en het dodenaantal. Zij onderzochten de kwantitatieve impact van overheidsingrijpen op sterfgevallen door COVID-19 in 32 verschillende landen. De tijdigheid van overheidsinterventies blijkt volgens hen cruciaal. Zij stellen echter wel dat het heel lastig is om een conclusie te trekken over de effectiviteit van specifieke, individuele overheidsinterventies, zoals het sluiten van scholen. Er zijn ook auteurs die het niet eens zijn met de conclusies van Toshkov e.a.. De Italiaans-Amerikaanse econome Mariana Mazzucato en Giulio Quaggiotto, hoofd van het Regional Innovation Center van het VN-ontwikkelingsprogramma in Azië, beargumenteren juist dat voldoende overheidscapaciteit cruciaal is voor effectief beleid, zeker ten tijde van de Coronacrisis: ‘effective governance, it turns out, cannot be conjured up at will, because it requires investment in state capacity… The pandemic has laid bare the need for more state productive capacity, government procurement capabilities, symbiotic public-private collaborations, digital infrastructure, and clear privacy and security protocols.’

Ook belangrijk is het feit dat de literatuur van afgelopen week herhaaldelijk eerdere vermoedens bevestigt en dat ingezette ontwikkelingen, bijvoorbeeld met nadruk op het economische of politisering, versterken. Dit is misschien nog wel het best af te lezen als men kijkt naar de acceptatiegraad. In de eerste fases waren er al veel vermoedens en speculaties over de afnemende mate waarin men bereid zou zijn bepaalde rechten, lusten of welvaart op te offeren. Maar, er waren zowel in Nederland als andere Europese landen slechts weinig grootschalige protesten tegen overheidsinterventies en coronamaatregelen. De afgelopen weken is er echter wél een duidelijke toename van anti-lockdown demonstraties te zien. Dat is wellicht een gevolg van het feit dat bijvoorbeeld de economische schade steeds duidelijker wordt. Op 14 april concludeerden Markus Tepe e.a. namelijk al dat de acceptatiegraad voor een ‘maximalist life-saving approach’ sterk daalt als dit op lange termijn economische schade met zich meebrengt. Toestanden als de demonstratie afgelopen maandag op de Dam zijn waarschijnlijk mede te verklaren door het feit dat de acceptatiegraad daalt en ingezette ontwikkelingen versterken.